Aan dit artikel wordt momenteel gewerkt.

 

In kleine besloten rooms-katholieke gemeenschappen blijven tradities veel langer bestaan dan in de rest van Nederland. Na de reformatie zijn veel tradities echter verdwenen, omdat uitbundige vieringen door de calvinisten werden verboden en omdat het niet langer was toegestaan om heiligen te vereren. Sint Nicolaas is de schutspatroon van vissers en zeevarenden en was om die reden de belangrijkste heilige op de Waddeneilanden. Soms laat een hechte gemeenschap zich niet dwingen en blijft een traditie tegen de wil van de kerkleiders in bestaan. In dit artikel neem ik u mee naar de viering van Sinterklaas op de verschillende Waddeneilanden. We beginnen onze reis op Texel en verplaatsen ons daarna steeds een eiland oostwaarts. De aandacht zal daarbij vooral uitgaan naar de vieringen op Ameland en op het Duitse Waddeneiland Borkum, omdat die vieringen het dichtst bij de oorsprong zijn gebleven.

Op Texel heeft het feest in de loop der jaren grote veranderingen ondergaan en is verworden tot een wedstrijd van carnavaleske toneelstukjes. Hoewel de viering uitsluitend bedoeld is voor de Tesselaren en de toneelstukjes vooral lokale issues behandelen, zijn toeristen welkom om het feest als toeschouwer mee te maken. Ook worden verslagen en foto´s van de viering vrij op internet en in de (lokale) media geplaatst. Voor Ameland is dat een doemscenario. Hier zijn toeristen niet welkom en de meeste hotels zijn tijdens de viering gesloten. Op Ameland houdt men grotendeels vast aan de oorspronkelijke viering, is fotograferen verboden en zwijgen de inwoners over de viering tegen niet-eilanders. Het doel hiervan is uiteraard om bemoeienis van buitenstaanders te voorkomen, de eigen identiteit te behouden en daardoor de gemeenschapszin te bevorderen.

De toekomst zal moeten uitwijzen of Ameland hiermee de juiste keuze heeft gemaakt. De geheimzinnigheid rondom de viering versterkt absoluut het wij-gevoel onder de eilanders en tot nu toe is Ameland het enige Nederlandse Waddeneiland dat grote veranderingen aan de viering heeft kunnen voorkomen, maar de tendens is op dit moment dat extreemlinkse groepen zich steeds meer gaan afzetten tegen alles wat zij niet begrijpen. Zij doen dit rücksichtslos en zonder enige kennis van zaken. Onbekend maakt onbemind. Op internet en in de media verschijnen steeds vaker berichten dat op Ameland een raar feest wordt gevierd, waarbij gemaskerde mannen de straat op gaan om vrouwen te slaan. Dat is uiteraard onzin, maar de zwijgzaamheid van de Amelanders werkt hierbij wel geruchtbevestigend.

Het is opmerkelijk dat inwoners van de Waddeneilanden eigenlijk geen flauw idee hebben wat zij nu eigenlijk vieren met Sinterklaas, zodat zij zich ook niet kunnen verdedigen tegen onterechte aantijgingen van buitenstaanders. Sommige eilanders menen dat de viering is voortgekomen uit Germaanse gebruiken. Anderen melden dat de gebruiken stammen uit de tijd van de walvisvaart, waarbij de na lange tijd terugkerende mannen moesten laten zien dat zij de baas waren. De meeste eilanders maakt het niet uit wat de betekenis van de gebruiken is. Het is hun feest, het maakt deel uit van de eilandcultuur en is daarmee een belangrijk onderdeel van hun identiteitsvorming. Vastelanders dienen zich daar niet mee te bemoeien. Over één ding zijn de inwoners van alle Waddeneilanden het met elkaar eens: hun Sinterklaastradities hebben niets te maken met Sinterklaas. En daarin vergissen zij zich.

 

ouwe sunderklaas2

 

Zoals beloofd beginnen wij onze reis op Texel, waar van de oorspronkelijke viering niet veel is overgebleven. De oudste vermelding van het feest dateert uit 1816, als het feest ´dat sinds enige jaren wordt gevierd´ door toenmalig burgemeester G. Reinbach wordt verboden wegens ´het schrik aanjagen en verstoren van de rust en zelfs het zich vertonen in de gedaante van beesten´ en omdat de feestvierders er niet voor terugdeinsden om ´voorbijgangers op publieke straten te mollesteren en voorts Twist en Tweedragt te verwekken´.

Erg lang kan dit verbod niet hebben bestaan, want in 1864 en 1865 publiceert onderwijzer Dirk Dekker, geboren in Oudeschild in 1822, in het tijdschrift ´Nederland´ zeven verhalen over het Texels volksleven uit zijn jeugd. Hij beschrijft het Sunderklaasfeest, zoals dat rond 1830 zal zijn gevierd. De Sunderklazen beijverden zich in zijn tijd om zich zo afzichtelijk mogelijk toe te takelen. Zij droegen een witte wijde broek met witte wijde lappen om het lijf, een torenmuts van karton en een grim (masker). Zij spraken door een koehoorn en produceerden verder slechts hoge piepgeluiden en geblaas. Ook schrijft Dekker dat zich geen kinderen of aankomende jongelingen op straat mochten vertonen of zij hadden knuppelslagen te vrezen. Ook meldt hij dat de avond eindigde in de herberg en veelal uitliep op een kloppartij tussen het minst beschaafde deel der aanwezigen.

Meer informatie over de vroegere viering leren we van onderwijzer en schrijver Dirk Leonardus Daalder, die in 1887 werd geboren in Oosterend. In ´Schimmenspel´ uit 1940 beschrijft hij zijn jeugd op Texel en wijdt hij ook een hoofdstuk aan Sinterklaas. Hij zit op dat moment in de vijfde klas en is dus elf jaar, want hij is in november jarig geweest. Daarmee weten we dat de viering uit zijn beschrijving zich afspeelt in het jaar 1898. Het feest begint op de avond van 4 december. Dan zijn er volop kruudbôltjes, Jantjes van Gaaien, taaitaaitjes en sukerdetaai, want, schrijft Daalder, ´de fenters lóópe de deur plat en je moet van iederien toch wel wàt kóópe…..´. Op 5 december staat er ´s middags een ´broeder´ op tafel. Dat is een rond plat krentenbrood, met een rijke vulling van roomboter, kaneel en bruine suiker. Soms is er beulinggort, snikkiedik of sakkoek-mit-stroop. De vader van Daalder zegt in het verhaal dat hij alles lust, behalve sop, troet, slinger-om-de-trap en gort-in-t-zakkie.  Ik zou het zeer op prijs stellen als een oude Tesselaar mij zou kunnen vertellen wat deze gerechten inhouden.

Tegen vijf uur, als het al flink donker wordt, gaan de jongelui de straat op. Zij wachten op de streetfegers. Vrouwen en kinderen onder de achttien jaar mogen zich deze dag na zonsondergang niet meer op straat begeven. Waarom dat is, zal ik later in dit artikel bespreken. Zodra het donker is, komen de streetfegers. Dat zijn jongens van net boven de achttien, die gehuld zijn in een wit laken en voorzien van een roede of bezem. Zij hebben de taak om de straten vrij te maken voor de Sunderklazen en kondigen hun komst aan met het blazen op koehoorns en het rammelen met kettingen. Dan begint een spel van kat en muis. De streetfegers proberen de straten vrij te maken, terwijl de jongelui onder de achttien juist proberen om zo dicht mogelijk bij de streetfegers in de buurt te komen en zo lang mogelijk op straat te blijven.

 

streetfegers

 

Als de streetfegers voorbij zijn, komen de Sunderklazen tevoorschijn. Zij lopen in groepjes door het dorp en betreden de open huizen. Hier worden zij door de aanwezigen -opa´s, oma´s, vaders, moeders en meisjes boven de achttien- ontvangen en getrakteerd op een drankje en een hapje. Er worden vragen gesteld in een poging om te ontdekken wie zich achter een vermomming bevindt. De Sunderklazen zeggen niet veel, en als ze dat wel doen spreken ze door een trechter of lampenglas.

-hier komt nog tekst-

Tegenwoordig viert men Sinterklaas op 5 december op dezelfde manier als op het vasteland. Een week later, op 12 december, viert men Ouwe Sunderklaas. Het programma is in elk dorp anders, maar de onderdelen van de viering komen voor een groot deel overeen. Er zijn een aantal locaties aangewezen waar gespeuld kan worden. Van vijf tot zes uur speulen de kinderen tot 12 jaar. Daarna volgt een kinderdisco met aansluitend de prijsuitreiking. Daarna zijn de oudere jeugd en de volwassenen aan de beurt om te speulen. Dat is overigens niet in elke gemeente zo. In Den Burg speult de oudere jeugd gelijktijdig met de jonge kinderen, maar wel in een eigen categorie, en is er voor hen na de prijsuitreiking een eigen (alcoholvrije) disco. Met speulen wordt gedoeld op het verkleed en gemaskerd, en dus onherkenbaar, opvoeren van een sketch, toneelstukje of liedje. Het masker wordt op Texel een grim genoemd. Om herkenning te voorkomen wordt de stem verdraaid of gebruik gemaakt van tekstborden. In de voorstellingen worden vaak lokale gebeurtenissen op de hak genomen. Achter de satirische voorstellingen gaat een serieuze vorm van sociale controle schuil: personen of instanties die in het voorafgaande jaar door hun handelen de aandacht op zichzelf hebben gevestigd worden op ludieke wijze in het openbaar terecht gewezen. Vervolgens gaan alle volwassenen naar een feestlocatie. Hier wordt nogmaals gespeuld, waarna de prijsuitreiking volgt. Daarna gaan de grims af en wordt er tot in de late uurtjes feest gevierd. Op 13 december gaan de volwassenen, ditmaal in normale kleding, opnieuw naar de feestlocatie om te gaan naklazen. Dit betekent dat er wordt gefeest totdat de overgebleven hapjes en drankjes op zijn.

De viering zal in deze vorm niet heel lang meer stand houden. De jeugd is niet meer te porren voor deelname aan het speulen en het aantal jonge speulers neemt jaarlijks af. Jongeren en jongvolwassenen vieren Sunderklaas liever als een driedaags carnaval met voorklazen, klazen en naklazen, waarbij het niet meer gaat om de traditie maar slechts om feesten en overmatig gebruik van alcohol. Voor de volwassen Tesselaars is Ouwe Sunderklaas nog steeds de belangrijkste traditie van het jaar, maar zij zullen niet kunnen voorkomen dat de viering over een jaar of tien zal zijn veranderd in een soort ´carnaval in december´.

 

Dit artikel is nog niet klaar

 

©Bert van Zantwijk

Overname van (delen van) dit artikel is uitsluitend toegestaan onder vermelding van de naam van de auteur en/of een link naar dit artikel.

Advertenties